Browsing Tag

ballsandglory

Ondernemerschap

een podcast over marketing

03/05/2019

Best vereerd dat ik mag “optreden” in de podcast van Stef: link onderstaand, ik excuseer me nu al voor mijn sappige Engelse taal, maar misschien hoor je wel zinnige zaken over de branding van Balls & Glory: aarzel niet mij te contacteren als je ON-zinnige zaken zou horen 😉 wim@ballsnglory.be

https://www.letstalkbranding.be/home/wimballieu

Voor wie ze nog niet kent: podcasts zijn eigenlijk een soort van radioprogramma waarin lekker veel gebabbeld wordt.

Nu ik mezelf betrap dat RADIO 1 misschien net iets vaker opstaat in de wagen of op de trein dan Studio Brussel zijn dit waarschijnlijk de eerste bijwerkingen van ouder worden 🙂

Hoewel ik de laatste tijd alsmaar meer het net afschuim naar interessante podcasts over ondernemen. Best interessant, en het pas net binnen mijn traject van Brussel naar Gent 🙂

Iedere week nieuwe afleveringen waarin interessante mensen geïnterviewd worden is dé ideale manier om geïnspireerd te worden & ook s wat bij te leren. Voor mij is het pure ontspanning 🙂

Ondernemerschap, Onze crafters

(waarom) wij vertrouwen op boerin Mieke…

03/01/2019

Mieke Verniest is niet alleen de mooiste boerin van Vlaanderen, ze is vooral de allerbeste boerin van de wereld. We kunnen ons bij Balls & Glory geen betere partners wensen dan Mieke & haar man Luc. Op hun boerderij, de zwalmbeekhoeve, middenin de mooie Vlaamse Ardennen geven ze het uiterste van zichzelf om onze varkens te kweken.

Als kind spendeerde ik vele jaren op de boerderij van mijn grootouders te Veurne (leisele). Het was toen nog een gemengd bedrijf met varkens, runderen, kippen, patatten, véél groenten, noten, fruit, enz… Ik ben er opgegroeid met de seizoenen: 1 keer per jaar een varken slachten, een overvloed aan groenten in de zomer, en “buikspek in smout uit de kelder” tijdens de winter, met “opgelegde” boontjes & aardappelen. Aardappelen die opgestapeld lagen in het “kolen-kot”, geen groene of witte kool, maar zwarte kool dus, kolen om de kachel op te stoken., niet álles draaide er om eten ;).

Dat de runderen van de boerderij in de ouderlijke slagerij te Gent verkocht werden, was voor mij als kind vanzelfsprekend. Het was de logica van de natuur.

Ik heb naarmate de jaren vorderden, gezien wat een hondenstiel het “boeren” is, dat er niet veel tegenslag nodig is, en dat het “godverdikke” hard werken is. Ik heb mijn nonkel Marc de boerderij zien professionaliseren, en zich weten specialiseren. Nonkel Marc is dierenarts, reisde veel, & is clever, hij zag de wereld veranderen, en veranderde de boerderij mee met de tijd. Hij specialiseerde zicht in het kweken van runderen.

Vele andere boeren maakten de keuze om zich te specialiseren in het houden van varkens. Ikzelf, ik ben altijd gek geweest op varkens: ik was er graag bij, toen mijn grootmoeder Mariette s’nachts opstond om zeugen te assisteren bij de bevalling. Ze leerde me schrik te hebben van de beer in de stal, het mannelijke varken, want dat kon wel eens gevaarlijk zijn. Varkens eten namelijk vlees, herinner ik me. En ze hebben wel meer gemeen met mensen die varkens: sociaal als ze zijn.

Ik heb de laatste jaren heel véél varkensboerderijen bezocht: in Belgie, in Frankrijk, in Duitsland…. & ik ben er zelden gelukkig buiten gekomen. De varkensboerderij van weleer is verdwenen: niet méér rendabel.

Er is de laatste jaren gelukkig een revival van duurzaam of duurzamer gekweekt varkensvlees: het menapi-varken van Hendrik Dierendonck, het bras-varken van de familie Dobbels, Duroc d’olives, en zovele anderen, waarvoor ik me nu al wil excuseren dat ik ze vergeet te vermelden. Ik kan een marketingpraatje af steken dat varkensvlees duurzamer is dan rundvlees, of over het gezondheidsaspect van varkensvet, het effect van een flexitarisch eetpatroon, of over het al dan niet diervriendelijk zijn, maar…

een varken slachten is nooit diervriendelijk, PUNT

Maar het échte probleem, het werkelijke probleem, is dat varkens houden & kweken een business-geworden is van de kleine marges,… en iemand die in de hoek zit van de kleine marges, die maakt soms rare sprongen. Er is over-consumptie van vlees, maar er is ook over-productie, aan véél te lage prijzen. Vlees wordt niet meer naar waarde geschat, met niet alleen het dier, maar vooral ook de boer als grootste slachtoffer.

Van bij de start van Balls & Glory hebben we ons ingezet om zelf varkens te kweken, terug zoals het hoort. Ik besefte dat ik geen fancy rassen nodig had om goeie gehaktballen te maken. Maar dat we daardoor extra tijd konden steken in een gedetailleerd lastenboek met aandacht voor lokale voeders, dierenwelzijn & eerlijke prijzen voor de boer. Die eerlijke prijzen, die liggen flink hoger dan de gangbare marktprijzen, maar ik denk niet dat dit de drijfveer is van Mieke.

Impact creëer je nooit alleen: alle lof voor Johan Noyen van www.noyen.be die samen met zijn team hierin de kar getrokken heeft. Want nose-to-tail ballen waarin we het volledige varken kunnen verwerken lukt niet. De handen in elkaar slaan met een ambachtelijk charcuterie-maker dat lukt dus wel. Dat we daardoor circulairder zijn dan ooit, doet me uitkijken naar de toekomst.

Zijn we bio?, neen, maar we zijn wel zéér logisch. Liever locale maïs dan biologische soja als voeder, geen preventieve medicijnen, en eerlijke prijzen.

Iemand die betaald wordt voor zijn job doet een goeie job, en doet zijn job graag. En dat is waarom wij vertrouwen op boerin Mieke

ALTIJD WELKOM BIJ BOERIN MIEKE

Wil je onze varkens even dag komen zeggen? Boerin Mieke heet je van harte welkom op de Zwalmbeekhoeve. In haar hoeveshop kun je kwaliteitsvarkensvlees van eigen kweek kopen. En natuurlijk ook de lekkere worsten van Noyen. Doén!

Wafelstraat 48 – 9630 Munkzwalm – zwalmbeekhoeve@gmail.com

Ondernemerschap

genomineerd voor winkelconcept van het jaar !

09/18/2018

Hoera, hoera:  Balls & Glory in de shortlist voor winkelconcept van het jaar 🙂

Een start-up is een teamsport met elke dag 2 belangrijke matchen, genadeloos, maar een bron van heel veel voldoening.

(frustraties vergeten we op een dag als deze 😉 )

Dikke dikke merci aan ons voltallig team, franchisepartners, boeren, crafters, crowdfounders, & bovenal de “ballen- & stoempboefers”

https://www.retaildetail.be/nl/news/algemeen/dit-zijn-de-tien-finalisten-van-de-mercuriusprijs-2018

Ondernemerschap

Als het einde een (nieuw) begin wordt…

12/27/2016

Eind van het jaar !

Voor mezelf (Wim) een periode die voor ééns & voor altijd verbonden zal zijn met het “leggen van gourmetschotelkes” in de slagerij van m’n ouders.

De kleurrijke fiches geschreven door tante Anny, die we naarmate de jaren voorbijvlogen, alsmaar in meer categorieën  mochten/moesten onderverdelen. Ieder besteld gerecht kreeg een fiche. Ik herinner me als kind, 2 kleuren: roos voor Gourmet & geel voor fondue. De ouderlijke slagerij werd alsmaar moderner, & de groene “fiche” deed zijn intrede voor de soepen, grijs voor de koude voorgerechten, lichtblauw voor de aperitiefhapjes, & na verloop van tijd dienden we zelfs streepjes & # toe te voegen voor de desserten, koude buffetten, enz…

Na de kerstdagen van  2002  zei ik de slagerij vaarwel om voorgoed op eigen benen te staan, ik wou & ik zou feesten & partijen gaan cateren, ik startte mijn allereerste eigen bedrijfje (Alfin catering)

& we verhuisden naar Mariakerke. We groeiden & groeiden: in cijfers, in aantal medewerkers, maar vooral: wat een fantastische feesten & mensen hebben we doorheen die jaren “eten” mogen serveren. Grote namen, kleine namen, grote feesten, kleine feesten, maar (zo goed als) altijd met dé grote A van Alfin, a passion for food.

Rond de kerst van  2009 kwamen we  (eerst deels & dan volledig) onder de vleugels van het wonderlijke (kleine toon van sarcasme) Horeto & Gourmet invent terecht,

2 mastodont cateraars die hun centen, kennis & netwerk klaar hadden om ons door de zwarte sneeuw te helpen die we in het moeilijke jaar 2008 opgelopen hadden. Ik keek heel hard uit naar die grote structuur, die ons zou kunnen helpen om Alfin internationaal uit te rollen. Het netwerk was er, de kennis van een ander soort dat ik verwacht had, zal ik maar zeggen, & centen hebben we nooit gezien. Ik heb veel geleerd binnen hun structuur: rekening houden met andere stakeholders bvb, voor nog grotere groepen koken ( van Waregem koerse, Floraliën, Euro-Aziatische top tot de U2 vip-tenten), maar ook het leren denken in concepten, & dat je op de voetbal liever een goeie kaaskroket eet dan dat je ceviche van makreel & groene appel serveert bvb. 🙂

Tot de kerstperiode van 2011: ik kreeg het niet meer opgekropt al dat gedoe, het was niet langer de structuur, het ondernemerschap noch de keuken waar ik me met lijf & leden achter kon scharen. Ik moest er weg, andere horizonten.

Het voelt exact 5 jaar later nog steeds als een broedermoord:  klanten, medewerkers & leveranciers achter laten op een zinkend schip (dat dacht ik toen, maar de group Gourmet Invent doet het dezer dagen nog steeds zeer goed)

Het persoonlijk falen deed misschien pijn? Of misschien was het gewoon het gevoel dat ik ik als zaakvoerder of bezieler overbodig geworden was,… vooral het laatste denk ik. Ik heb vooral geleerd dat mensen veranderen na verloop van tijd:  andere inzichten, maar ook andere passie’s en interesse’s. én vooral: dat je roots, je oer-genen diep ingebakken zitten. Ik ben thuis wat zielig gaan uithuilen, dan bij Eric, een bevriende cateraar van het in Gent wereldberoemde Coeur d’artichaut, heb m’n moed samengeraapt. En ik ben samen met Ruben, een jeugdvriend (die nu trouwens de Balls & Glory in Gent runt) naar Stockholm getrokken: op retraite, om de zinnen te verzetten & eens na te denken wat ik nu met mijn leven, passie, falen & ervaringen zou gaan aanvangen. 1 ding was zeker: evencatering zat er ff niet in (wegens een niet-concurrentie-beding) Maar wat dan wel ?

Tot dat idee om een kaaskroket in een gehaktbal te gaan steken, ik zie me nog binnenstormen in de keuken van m’n moeder, & vragen of ik 190g gehakt mocht “lenen” en haar oven gedurende 27 minuten.

Ik heb toen voor het eerst in m’n leven een financieel plan geschreven, maar veel meer: ik voelde het bloed, de goesting & de genen stromen. De vakanties op de boerderij van m’n grootouders kwamen terug tot leven, m’n vaders recept voor het “beste gehakt van de wereld”, althans op de parochie van St-Coleta, en die duizenden, duizenden vogelnestjes die ik in de slagerij al gedraaid had. Ik organiseerde instant een diner-tje met vrienden om m’n fameuze ballen te laten proeven:

bwah, lekker wel, maar ga je daar een restaurant mee vullen, dixit Kwinten.

Mensen die me kenden, zagen niet zozeer het risico in het openen van een One-trick-pony, of een mono-dish restaurant denk ik. Maar vooral het risico dat ik als hyper-actieve-kok nooit m’n honger zou kunnen stillen met maar 1 product. Of zoals m’n moeder zei, het contrast tussen gehaktballen draaien in een diep bord met saus erbovenop, of het koken op een paleis voor staatshoofden, is wel heel erg groot, denk je niet. Wat volgde was een lange denkoefening om de Balls te gaan pimpen met Glory & ambitie. Het idee was geboren:

We maken niet alleen gevulde, handgedraaide, ovengebakken gehaktballen,  maar we steken ze in een “Alfin”-jasje: een urban, grootstedelijke uitstraling rond een open keuken, & weet je wat: we openen de komende 10 jaar, 50 restaurants waarvan 1 in NYC, neh,… van (overmoedige ?) ambitie gesproken.

We zijn nu 4 & een half jaar bezig. Een moment van reflectie. Het voelt als de tweede maal een computerspel spelen. Met dezelfde snelheid, dezelfde passie & hetzelfde plezier. Zonder in de vallen van de eerste keer te stappen. Ik heb me 5 jaar geleden voorgenomen, om enkel nog te koken, te kopen, & te verkopen wat ikzelf wil. Dooradert met het erfgoed van de Belgische slow-food, de wilskracht van het “West-Vlaamse” ondernemen, & de schoonheid van hedendaagse life-style.

So far, so good denk ik. We hebben al dikke vette chance gehad:

Het feit dat Woestijnvis me kwam vragen om een TV-programma te presenteren bijvoorbeeld, net in de periode dat ik aan het starten was met Balls & Glory. Daardoor stond het VTM-nieuws, of het toenmalige “voor de show” in ons restaurant(je) toen we opengingen, handig meegenomen natuurlijk. Dat ik daardoor ook m’n lief  leren kennen heb, kan ik alleen maar toejuichen.

Of die keer dat we na amper 3 maand open te zijn “de gouden palm voor innovatiefste restaurant concept van Europa” wonnen, onze nominatie voor de Restaurant Design Awards in London, of die keer dat we in Moskou ballen gaan draaien zijn, & op Tomorrowworld in Atlanta.

Maar we zijn ook al gepakt in onze snelheid:

We zijn ooit gestart als een puur lunch-restaurant (enkel ’s middags open dus), maar toen ik het potentieel van  avondopeningen zag, moesten we helaas concluderen dat we in ons tweede restaurant te Brugge, noch het juiste pand, noch de juiste ligging hadden. closing Brugge dus, na amper een jaar.

& toen ik koppig was in die verpakkingen die we maakten voor Delhaize, géén goed idee om een handgedraaide ball in een krimpzakje te steken: exit Delhaize dus, maar ik ga me dit jaar “herpakken” in die verpakking, beloofd !

Het eind van het jaar is een periode voor familie & vrienden, & dankbaarheid. Het moet gezegd: als ik van 1 ding blij wordt dezer dagen, dan is het dat Balls & Glory al lang niet meer, enkel een droom van mij alleen is. Het is een teamwerk, een job van  velen om onze Belgische Slow food de wereld rond te sturen. Een verhaal dat kan gedragen & gerealiseerd worden door heel wat jonge mensen & hun teams: Johan & z’n team in Evergem, Stijn in oostkamp, Ruben in Gent, de jongens van het Felixpakhuis in Antwerpen, Jonas in Leuven, David, Jasper & hun team in Brussel, Peter-Paul in Eindhoven, Gille & Maarten in hun foodtrucks, een meer dan wijze maar allesbehalve grijze raad van advies, Stephanie, Jim & Lenie op ons “servicecenter”. Een boekhoudkantoor dat een innovatie-prijs wint voor zijn “in the cloud”-werkwijze, een logistieke partner die uit z’n comfortzone komt, én heel wat coole start-ups die hun tools, app’s & technologieën op onze botvieren.

én hoera ! Geen grijze Franse tachtigers in onze management, maar een volledig onafhankelijk bedrijf dat de lasten & de lusten van zijn beslissingen draagt, coöperatief gedragen door onze eigen shop-managers.